De hoeveelheid restafval in Dordrecht moet omlaag. De kosten van het verbranden van restafval stijgen. Zonder maatregelen zal de afvalstoffenheffing de komende jaren fors omhoog moeten om die kosten te dekken. Het college wil dat voorkomen en stelt de raad daarom een pakket aan maatregelen voor om de hoeveelheid restafval te verminderen en de hoeveelheid gescheiden grondstoffen te verhogen.

“We gooien in Dordrecht per persoon per jaar maar liefst 215 kilo restafval in de grijze of ondergrondse container. Het afval uit deze containers gaat de verbrandingsoven in. De gemeente betaalt voor het verbranden van afval. Daar komt nog eens extra belasting van het Rijk overheen. Deze rijksbelasting gaat de komende jaren waarschijnlijk verder omhoog. Dit alles kost de gemeente veel geld. Bovendien gaan bij het verbranden van restafval waardevolle grondstoffen verloren die opnieuw gebruikt kunnen worden. Maatregelen zijn noodzakelijk.”, zo legt de gemeente uit.

Wethouder Rik van der Linden: “Als we niets doen, blijven de kosten voor verwerken van afval enorm stijgen. Op dit moment is de afvalstoffenheffing die bewoners betalen al niet voldoende om alle kosten te dekken. We willen voorkomen dat de afvalstoffenheffing fors omhoog moet en Dordtenaren dus flink meer moeten gaan betalen. De oplossing is eigenlijk heel simpel: de hoeveelheid restafval moet omlaag, de hoeveelheid gescheiden grondstoffen omhoog. Dit vertaalt zich direct in minder kosten.”

In het Dordtse restafval zitten nog veel grondstoffen, zoals plastic, metaal, groenafval, papier en textiel. Het recyclen van die grondstoffen kost veel minder geld dan wanneer ze verbrand worden. Soms leveren ze zelfs geld op. Als Dordtenaren hun restafval beter scheiden, dan zamelen we meer grondstoffen in en blijft er veel minder afval over om te verbranden. Beter voor de portemonnee én voor het milieu.

Het doel is 100 kilo restafval per persoon. Dat is minder dan de helft van wat we nu weggooien. Om dat te bereiken zijn maatregelen nodig. Het uitgangspunt is om zoveel mogelijk grondstoffen in te zamelen en het gebruik van de grijze en ondergrondse container te ontmoedigen.

Het college stelt de raad voor om in de loop van 2021 de volgende maatregelen in te voeren:
– Huizen in wijken met vooral laagbouw met grote tuinen (meer dan 50 m2), zoals Stadspolders en Dubbeldam: wie dat wil, kan een container aan huis krijgen voor plastic, blik en drankpakken. Wie geen container wil, kan de zakken blijven gebruiken. De bakken/zakken worden elke twee weken opgehaald.
– De rest van de stad blijft plastic, blik en drankpakken inzamelen met zakken. Deze worden elke week opgehaald.
– Voor alle huizen met tuin (laagbouw) geldt: restafval wordt minder vaak opgehaald. In plaats van 1 keer per 2 weken wordt dat 1 keer per 4 weken. Aanvullend komen er speciale inzamelplekken voor luiers en/of incontinentiemateriaal in wijken.
– In de zomermaanden (juni-augustus) wordt het bioafval (groente, fruit, tuinafval en etensresten) wekelijks opgehaald.
– Appartementen (hoogbouw): waar dat kan, komen in het pand meer mogelijkheden om grondstoffen in te zamelen. Waar dat niet in het pand kan, maken we waar mogelijk kleine milieuparkjes voor bioafval, papier en plastic, blik en drinkpakken.
– Binnenstad: in de historische binnenstad is de ruimte beperkt. We onderzoeken wat daar mogelijk is. Het plan is om in ieder geval bakken voor groenafval/bioafval te plaatsen, zodat binnenstadbewoners ook deze grondstof kunnen scheiden.

Voor het laten ophalen van ongescheiden grof restafval aan huis moet straks betaald worden, dit wordt 20 euro per keer. Het inzamelen van grondstoffen zoals takken, bruikbare huisraad en elektrische apparaten aan huis blijft gratis. Dat geldt ook voor het wegbrengen naar de milieustraat waar het afval beter gescheiden wordt. De service voor het scheiden van papier/karton aan huis, textiel en glas blijft zoals het is. Waar dat effectief is, passen we ook nascheiding van het restafval toe. Dat is het geval bij hoogbouw en de binnenstad en gebeurt op dit moment al.

Van der Linden: “Dit pakket aan maatregelen is niet uniek. Er zijn ons al heel wat gemeenten voorgegaan. Natuurlijk is het voor sommige mensen even wennen, maar we zien in andere gemeenten dat je hiermee de hoeveelheid restafval behoorlijk kunt verminderen. De keuze tussen óf maatregelen op restafval óf fors meer belasting betalen is voor mij heel simpel. Zeker als het ook nog eens beter is voor het milieu. Het pakket dat er nu ligt, heeft de juiste balans voor onze stad. Waar knelpunten ontstaan, gaan we op zoek naar een passende oplossing.”

In de toekomst moet er per inwoner nog maar 30 kilo restafval overblijven. Zo heeft het Rijk dat bepaald. De stap naar 30 kilo restafval is groot. Dat lukt in de praktijk alleen als, bovenop deze maatregelen, inwoners moeten betalen voor het weggooien van restafval. Uit cijfers blijkt dat gemeenten die dat zo doen, het minste afval over houden. Maar zover is het de komende jaren nog niet. De discussie daarover staat gepland voor 2024.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws uit de regio! Like ons op Facebook of volg ons op Twitter.